
Wat maakt een bezoek aan een artiestenwoning zo fascinerend? Die vraag stel ik mij nadat ik in Parijs Maison Gainsbourg bezocht, de woning van de Franse componist en zanger Serge Gainsbourg. Hij installeerde zich in 5bis rue de Verneuil in 1969, op het toppunt van zijn roem, toen het schandaalnummer ‘Je t’aime… moi non plus’ uitkwam, en leefde er tot aan zijn dood in 1991. Het huis was voor Gainsbourg zowel een gezinswoning als een werkplek en een bron van inspiratie. Hij richtte het zeer zorgvuldig in en beschreef het als zijn “maison-musée”. Na zijn dood erfde zijn dochter Charlotte de woning, die ze al die jaren intact bewaarde en enkele jaren geleden openstelde voor bezoekers.
Mijn bezoek aan Maison Gainsbourg raakte me diep. Deels komt dat natuurlijk omdat ik fan ben, zowel van de muziek van vader als dochter Gainsbourg. Toch maakt het huis ook om andere redenen indruk. Een artiestenwoning biedt een inkijk in het leven van de artiest die er woonde en geeft je de illusie dat je dicht bij hem bent, ook al woont hij er al lang niet meer. Maar Maison Gainsbourg is ook een beleving die goed doordacht is. Als publiekshistorica intrigeerde mij dat. Wat maakt van Maison Gainsbourg een beleving die mensen raakt?
- Universum: Een bezoek aan deze artiestenwoning is een inkijkje in het geheel eigen universum van Gainsbourg. “Sa maison, c’est lui”, aldus Jane Birkin. “C’est l’intérieur de sa tête”. Het huis is ingericht in een kitcherige jaren 80-stijl, vol antieke voorwerpen en ‘moderne’ technologie. Het is een interieurstijl die mijlenver staat van wat ik zelf mooi vind, maar die helemaal past bij de artiest die er woonde. Gainsbourg maakte volstrekt originele muziek, en zijn artiestenwoning laat zien dat hij ook een volstrekt originele en eigenzinnige interieursmaak had. Maison Gainsbourg is deel van het personage Serge Gainsbourg.
- Black box: Serge Gainsbourg koos ervoor om zijn woning zwart te verven. Zelf zei hij daarover dat witte muren hem deden denken aan psychiatrische instellingen. Het zwarte interieur geeft het effect van een ‘black box’, een soort theaterdecor voor de performer die Gainsbourg was. Dat effect is het sterkst in de salon, de plek waar hij muziek componeerde en zijn gasten ontving. Doordat er bijna geen ramen zijn, ben je volledig ondergedompeld in zijn donkere en decadente universum.
- Intiem: als je Maison Gainsbourg betreedt, krijg je een audioguide die is ingesproken door Charlotte Gainsbourg. Daarin stelt ze zich erg kwetsbaar op: ze deelt herinneringen aan het huis en aan haar vader die vaak mooi en soms moeilijk en pijnlijk zijn. Je krijgt het gevoel dat ze jou een hoogstpersoonlijke privé-rondleiding geeft. Niet alleen ontmoet je de artiest Serge Gainsbourg, maar je krijgt ook een intieme inkijk in de persoon achter de artiest en in het dagelijke leven van het gezin.
- Rust: hoewel de tickets voor Maison Gainsbourg snel uitverkopen, is het helemaal niet dringen tijdens je bezoek. In de salon, waar het bezoek begint, is weinig plaats, maar dat is net goed. Pas als de vorige bezoekers de salon hebben verlaten, word je binnengelaten. En het ritme van je bezoek wordt bepaald door de audioguide. Zo lijkt het alsof je alleen in het huis rondwandelt, ook al zijn er nog andere bezoekers.
- Totaalbeleving: nadat je de artiestenwoning hebt gezien, kan je de straat oversteken om het museum te bezoeken. Daar is ook Le Gainsbarre, een cocktailbar die is ingericht in de stijl van Maison Gainsbourg, en waar zijn muziek speelt. Commercieel is dat natuurlijk slim gezien, maar toch is de bar meer dan een slimme zet. Gainsbourg begon zijn muzikale carrière als zanger in pianobars en hij hield van uitgaan. Een cocktailbar past dan ook perfect in zijn universum. De cocktails verwijzen ook allemaal naar het leven en de liedjes van Gainsbourg. Het museum en de bar bieden samen met het huis een totaalbeleving die bijna alle zintuigen inschakelt.
